De methode in het kort
- StartleeftijdOp basis van signalen, meestal tussen 18 en 30 maanden. De JGZ-richtlijn Zindelijkheid gaat uit van een start tussen 2 en 4 jaar.
- Hoe langZonder deadline.
- Rol van de ouderKijkt, biedt het potje aan en geeft complimenten. Niet duwen, niet straffen.
- BeloningenWarme woorden. De Amerikaanse kinderartsenvereniging (AAP) wijst straffen af.
- OnderzoekBasis van het AAP-advies, maar het zwakste bewijsniveau. Passief wachten na 3,5 jaar hangt samen met vaker weigeren van ontlasting.
Wat is kindgericht zindelijk worden
De aanpak werd in 1962 beschreven door de Amerikaanse kinderarts T. Berry Brazelton in het tijdschrift Pediatrics. In het Engels heet het child-led of child-oriented. Het advies van de Amerikaanse kinderartsenvereniging (AAP) en van Canadese kinderartsen is er nog steeds op gebouwd. De kern is kort:
- je begint pas als je peuter signalen van gereedheid laat zien,
- je biedt het potje aan, maar dwingt niet,
- je kind bepaalt het tempo en mag even pauze nemen,
- een plas op het potje krijgt warme woorden, een ongelukje nooit straf,
- ongelukjes horen bij het leren, een stap vooruit en een stap terug.
Het is meer een houding dan een plan per dag. Daarom is het ook de rustigste van alle methodes: er wordt geen deadline beloofd.
Zindelijk worden: welke leeftijd en welke signalen
De AAP en overzichten voor huisartsen (AAFP) noemen vergelijkbare signalen. Je peuter is er klaar voor als hij of zij:
- minstens een uur of twee droog blijft,
- merkt en zegt dat er een plas of poep komt,
- nieuwsgierig is naar de wc en naar wat anderen daar doen,
- zelf de broek naar beneden kan doen,
- een korte, eenvoudige vraag kan opvolgen.
Meestal komt dat samen tussen 18 en 30 maanden, bij ieder kind anders. De JGZ-richtlijn Zindelijkheid gaat uit van een start tussen 2 en 4 jaar. Met de zindelijkheidscheck zie je of het lichaam van je kind klaar is.
Zindelijk worden tips: zo ziet kindgericht er thuis uit
- Je kijkt. Je let op wanneer de luier droog blijft, wanneer je kind zich verstopt om te poepen en of het naar de wc vraagt.
- Het potje staat in zicht. Ergens thuis waar je kind het ziet. Je peuter mag er zomaar op gaan zitten, ook aangekleed.
- Je biedt aan. Op momenten waarop proberen zin heeft. Zegt je kind nee, dan is dat prima.
- Je geeft een compliment. Gewoon en vriendelijk. Een ongelukje ontvang je rustig, je verschoont en gaat verder.
- Weigert je kind, dan neem je pauze. Over een paar weken probeer je het opnieuw. Pauze betekent niet eindeloos wachten.
De discussie „wachten of niet”: wat klopt er van de kritiek
Critici van kindgericht zindelijk worden maken twee punten. In allebei zit iets waars.
Het belangenconflict is aangetoond. Brazelton werkte samen met een maker van wegwerpluiers en verscheen in diens reclame voor luiers voor grotere kinderen. Ook de verschuiving in de tijd is aangetoond: vroeger begonnen kinderen veel eerder op het potje, en de latere leeftijd kwam samen met de wegwerpluier. In Vietnam, waar al vanaf de geboorte wordt geoefend, legen kinderen hun blaas rond 9 maanden al helemaal (Duong e.a. 2013).
Maar signalen van gereedheid zijn geen reclame-uitvinding. De AAP en de JGZ-richtlijn steunen erop. Blum e.a. (2003) volgde 378 kinderen: een intensieve start vóór 27 maanden gaf geen vroeger einde. Een klein onderzoek van Hodges e.a. (2014) koppelt zowel een start vóór 24 als na 36 maanden aan problemen met plassen en poepen. En een „zindelijk” kind van één jaar betekende vroeger vaak dat de ouder het juiste moment ving, niet dat het kind zelf ging.
Ik ben geen kinderarts, dus hier houd ik me aan de richtlijnen. Uit beide kampen neem ik wat telt: wachten op signalen, ja. Passief en eindeloos wachten, nee.
Wat zegt onderzoek, en wanneer schaadt wachten
Een overzicht voor het Amerikaanse overheidsbureau AHRQ (Klassen e.a. 2006) noemt het onderzoek naar zindelijkheid zwak. Volgens dat overzicht werken zowel de kindgerichte aanpak als de snelle methode van Azrin en Foxx bij de meeste gezond ontwikkelende kinderen. In het enige directe vergelijkende onderzoek had de snelle methode minder ongelukjes. Het AAP-advies heeft het zwakste bewijsniveau (C) en rust vooral op overeenstemming tussen deskundigen.
Gemiddeld zijn kinderen overdag droog rond 32 tot 35 maanden (AAFP 2019). Het vaakste probleem is ontlasting ophouden, wat ongeveer één op de vijf kinderen overkomt. Dat gebeurt vaker als je pas na 3,5 jaar begint. Laat je peuter rond de derde verjaardag nog geen signalen zien, bied het potje dan actief aan en overleg zo nodig met het consultatiebureau of de huisarts.
De nacht is een ander hoofdstuk. Een droge nacht kun je niet trainen, die komt vanzelf. Als je kind ouder is, kun je het voorzichtig aanmoedigen.
Wat ik zou houden
- beginnen op signalen, niet op de kalender
- het potje in zicht en rustig aanbieden
- warme woorden, nooit straffen
- pauze als je kind weigert
- een ongelukje hoort bij het leren
Wat ik zou weglaten
- passief wachten tot het vanzelf gaat
- wachten op alle signalen tegelijk
- uitstellen na de derde verjaardag zonder aan te bieden
- harde of opgehouden ontlasting negeren
- druk op droge nachten
Uit de peutergroep
Tussen de peuters op de opvang zie ik dat een kind vaak zelf wil, als het vriendjes op de wc ziet. Je hoeft dat moment alleen aan te bieden.
Veelgestelde vragen
Zindelijk worden: welke leeftijd is goed om te beginnen?
Als je peuter signalen van gereedheid laat zien, meestal tussen 18 en 30 maanden. De JGZ-richtlijn Zindelijkheid gaat uit van een start tussen 2 en 4 jaar. Leeftijd is alleen een richting, je kind zelf telt meer.
Aan welke signalen zie je dat je peuter klaar is om zindelijk te worden?
Je kind blijft een uur of twee droog, merkt en zegt dat het plast, is nieuwsgierig naar de wc, kan zelf de broek naar beneden doen en een eenvoudige vraag opvolgen. Niet alle signalen hoeven tegelijk te komen.
Hebben luiermakers het wachten op gereedheid bedacht?
Half waar. Brazelton werkte echt samen met een maker van wegwerpluiers. Maar de AAP en de JGZ-richtlijn steunen signalen van gereedheid, en onderzoek laat zien dat een intensieve start vóór 27 maanden geen vroeger einde geeft.
Kan kindgericht zindelijk worden kwaad?
Als je passief en lang wacht. Beginnen na 3,5 jaar hangt samen met vaker weigeren van ontlasting. Bied het potje daarom actief aan en overleg met het consultatiebureau als je kind harde ontlasting heeft.
Hoe zit het met de nacht bij kindgericht zindelijk worden?
Een droge nacht kun je niet trainen, die komt vanzelf, vaak lang na de dag. Als je kind ouder is, kun je het voorzichtig aanmoedigen.
Ik ben geen kinderarts en geen kinderpsycholoog. Heeft je kind buikpijn, houdt het de ontlasting op of zie je bloed in plas of poep, ga dan naar de huisarts of het consultatiebureau. Hier vind je een eerlijk overzicht van de methode met bronnen. We verkopen je niets en jij kiest.
Bronnen
- Brazelton 1962, Pediatrics: een kindgerichte aanpak van zindelijkheid
- AAP (HealthyChildren), The Right Age to Potty Train
- AAFP 2019, Toilet Training: Common Questions and Answers
- Klassen e.a. 2006, overzicht van methodes voor AHRQ
- Blum, Taubman, Nemeth 2003, Pediatrics: startleeftijd en duur van de training
- Hodges e.a. 2014: leeftijd van zindelijkheidstraining en problemen met plassen en poepen
- Duong e.a. 2013: Vietnam en Zweden
- T. Berry Brazelton (Wikipedia, Engels): samenwerking met een luiermaker
- JGZ-richtlijn Zindelijkheid